'Zondaars uitstappen’
De bus die vroeger van Almelo naar Hengelo ging, was altijd druk bezet. Veel mensen hadden nog geen auto en maakten gebruik van deze vorm van openbaar vervoer. Natuurlijk voor het woon-werkverkeer, maar deze buslijn trok ook andere reizigers.
Opvallend was de drukte rond Pasen en Kerstmis. Veel passagiers stapten dan uit bij de halte in Zenderen. De chauffeur riep dan vaak gekscherend: ‘Zondaars uitstappen!’ Want deze mensen gingen vervolgens te voet naar de paterskerk van het Karmelklooster in dat dorp om te biechten. Niet voor niets heette de kloosterkerk in de volksmond ook wel ‘de biechtfabriek’.
De meeste biechtklanten kwamen uit Almelo of Hengelo. Die vonden het toch geen fijn idee om bij de eigen pastoor hun zonden te belijden. Die was te bekend om hem te laten weten wat jij op je kerfstok had. In de kerk van Zenderen stonden verschillende biechtstoelen. Paters van het klooster namen er de biecht af, maar pater Ferdinand was het meest in trek. De rij voor zijn biechtstoel was meestal het langst. Hij stond namelijk bekend als een milde pater, die niet te hoge penitenties oplegde.
|